Direct naar de inhoud
EMT Blog
Nieuwsartikel18 november 2021Leestijd: 4 min

Hoe Frans kan het universalisme proberen te zijn? Nadere overwegingen over de "Nederlandse affaire"

Door Nicolas Froeliger, Universiteit van Parijs, UFR EILA (Etudes Interculturelles de Langues Appliquées). Vertaald vanuit het Engels door Chiara Tavares en gereviseerd door Annelies Bontinck in het kader van Vertaalbureausimulatie, Master of Arts in het Vertalen, Vrije Universiteit Brussel

Magnifier on a newspaper article

Als vertalers streven wij ernaar om betekenis, bedoeling en nuance zo precies mogelijk weer te geven, met wat sommigen vroeger getrouwheid noemden, of, steeds vaker, loyaliteit (wat niet helemaal hetzelfde is). Hoe komt het dan dat vertaalstudies het zo slecht doen in vertalingen? Natuurlijk zijn er vertalingen van boeken over vertaalstudies in overvloed, maar zijn we daar altijd tevreden mee? Het antwoord is een overduidelijke nee. Een eenvoudige observatie om die bewering te staven: hoe vaak worden die vertaalde boeken herdrukt, zelfs als ze in hun oorspronkelijke taal klassiekers zijn geworden?

Dat is een van de vele paradoxen waarmee we in deze wereld moeten leven. Zelf ben ik zowel slachtoffer als schuldige van een dergelijke paradox. Enkele maanden geleden werd mij gevraagd om een klein stuk te schrijven over wat de Fransen de "Nederlandse affaire" noemen (meer daarover hieronder). De publicatie was bedoeld voor een boek over de genoemde kwestie (onder de algemene titel faut-il se ressembler pour traduire?, uit te geven door "Double punctuation": http://www.double-ponctuation.com/). En aangezien wij, als vertalers, zoiets als een gehechtheid aan onze moedertaal voelen, heb ik het betreffende werkstuk in het Frans geschreven.

Een kort overzicht van de feiten:

  • op 20 januari 2021, tijdens de eedaflegging van Joseph Biden, maakte de jonge dichteres Amanda Gorman grote indruk door haar gedicht "The Hill We Climb" voor te dragen;
  • onmiddellijk haastten uitgevers van over heel de wereld zich om haar werk te laten vertalen;
  • onder hen was het gerenommeerde Nederlandse huis Meulenhoff, dat de opdracht gaf aan een andere jonge auteur, Marieke Lucas Rijneveld, en maakte het algemeen bekend;
  • de Nederlandse journaliste en sociale netwerkactiviste Janice Deul bekritiseerde vervolgens die beslissing en betreurde de keuze voor een blanke vrouw om het werk van een Afrikaans-Amerikaanse vrouw te vertalen, wat een overvloed aan reacties teweegbracht;
  • in het licht van die tumult gaf Marieke Lucas Rijneveld de opdracht op alvorens haar redenen toe te lichten in de vorm van een gedicht;
  • de vertaalwereld en het grote publiek uitten hun verontwaardiging. Tenminste in Frankrijk en de Franstalige landen (met name België).

Een veelzeggende ontwikkeling, zou men zeggen... Wat wilde ik dan schrijven, in mijn Franse versie?

  • Dat, hoewel vertalers een voorliefde hebben voor nuance en evenwichtige argumenten, het contraproductief zou zijn om die te gebruiken: wat men ook vindt van de toestand van de ongelijkheid in de wereld, deze zaak moet worden beoordeeld in termen van overkoepelende waarden: universaliteit of fragmentatie.
  • Dat het rijke debat over die kwestie een teken is dat het vertaalberoep in zijn geheel is beginnen nadenken over vertaalvraagstukken als deze, wat een positief teken is met betrekking tot professionalisering.
  • Dat vertaalwetenschap zelf, desondanks al haar diversiteit, de vertaalgemeenschap zou kunnen helpen om een duidelijkere, bredere kijk op een dergelijk onderwerp te krijgen. Een die openheid en, inderdaad, diversiteit plaatst boven zulke essentialistische, passé reacties zoals "waarom iemand [Marieke Lucas Rijneveld] verdedigen die zelfs geen (echte) vertaler is?";
  • Dat de reacties in het vakgebied uiteraard veel gevarieerder dan dat waren, wat wijst op een nog onvolkomen verband tussen onderzoek en praktijk in ons vakgebied. En vraagt om verder onderzoek naar de sociologische kant van het beroep.

De kern van het betoog, in een nog meer synthetische vorm: zoals in het eigenlijke vertalen moeten universaliteit en het bereiken van anderen altijd voorrang hebben op het bijzondere. Er was slechts één probleem met het artikel dat ik schreef om dat te staven: alle auteurs die ik vernoemde (in het Frans) om mijn argument te ondersteunen waren opvallend... Frans. Een paar eenvoudige vragen dan: is het eenvoudiger of meer opportuun om de universaliteit onder de aandacht te brengen in die specifieke taal dan in bijvoorbeeld het Engels? Zou mijn artikel er anders hebben uitgezien als ik het in die taal had willen schrijven? Waarom heeft deze "Nederlandse affaire" zoveel opschudding veroorzaakt in Franstalige landen (en, voor zover ik weet, niet elders)? Waarom (in godsnaam) doen vertaalstudies het zo slecht in vertaling? Het zou toch precies het tegenoverstelde moeten zijn!

Afgezien van een lange geschiedenis van provincialisme waaruit het vertalen en de vertaalstudies pas onlangs uit tevoorschijn zijn gekomen, heb ik geen onderbouwde antwoorden op die vragen. Ik kan alleen maar voorstellen dat ze grondig onderzocht worden, zowel in het belang van het onderzoek als zodanig, als in het belang van de hele beroepsgroep.

En ik laat de lezer achter met nog twee andere vragen (die ik mezelf ook stel): in hoeverre kan het artikel dat zij of hij zojuist in het Nederlands heeft gelezen worden beschouwd als een vertaling van het Franse origineel dat in boekvorm is verschenen? En wat zegt het ons over onze definitie van vertalen? Stof tot nadenken, inderdaad...

 

Bijzonderheden

Datum publicatie
18 november 2021
Taal
  • Engels
EMT-categorie
  • Vertaalthema's